Risicoprofiel: voorbereiden op overstroming, cacaobrand en giftige stoffen

Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland heeft uitgezocht hoe de regio zich kan voorbereiden op zeven gevaren die ernstige gevolgen kunnen hebben of met hoge waarschijnlijkheid kunnen voorkomen. Het gaat om een dijkdoorbraak in een laaggelegen polder, een incident met giftige stoffen in de open lucht, een brand in een cacao-opslag, de uitval van een energievoorziening, buurtonrust, een treinincident en ordeverstoring of paniek in een menigte. De gevaren zijn ingeschat door experts van onder meer de politie, brandweer, Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie GHOR en Prorail. De gevaren staan beschreven in het Regionaal Risicoprofiel dat het Veiligheidsbestuur recent heeft vastgesteld, samen met nog zeven andere zogenoemde crisistypen die relevant zijn voor Zaanstreek-Waterland.  

De experts werkten met een landelijk ontwikkelde methode die in alle veiligheidsregio's wordt toegepast en 25 crisistypen onderscheidt, geordend naar zeven thema's. Zij baseerden zich op ervaring, onderzoek en de risicokaart die door alle negen gemeenten wordt gevoed met informatie.

Zelfredzaam
Aangezien enkele risico's hun oorsprong hebben in de omliggende regio's Amsterdam-Amstelland en Kennemerland, stellen de experts voor om vooral rond het Noordzeekanaal en Westelijk Havengebied goede afspraken te maken, zowel bestuurlijk over risicobeheersing als operationeel over crisisbeheersing. Wat betreft de cacaobranden vragen de experts aandacht voor de positie van bedrijfshulpverlening en bedrijfsbrandweer en willen zij innovatieve blusmogelijkheden onderzoeken. Daarnaast adviseren de experts vaker gebruik te maken van sociale media om burgers te informeren over gevaren en crises. Ook is het belangrijk dat burgers weten wat zij zelf moeten doen om zichzelf en anderen te helpen bij een ramp.  De hulpdiensten hebben de adressen nodig van thuiswonende verminderd zelfredzamen en ook de specifieke hulpvraag zij hebben, zo signaleren de experts.

Wet
Het Regionaal Risicoprofiel is als wettelijk verplichte planfiguur de eerste bouwsteen voor een beleidsplan dat vier jaar vooruit kijkt en voldoende slagkracht en operationele inzet mobiliseert om daadwerkelijk crises te beheersen en rampen te bestrijden. Het huidige vierjarige beleidsplan loopt tot en met 2012.  Burgemeester Faber, namens negen burgemeesters voorzitter van Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland: 'Recente rampen in Nederland tonen ons de noodzaak om te blijven inventariseren wat kan gebeuren, hoe groot de kans is en wat wij eraan kunnen doen. Daarom is het belangrijk dat alle organisaties betrokken blijven.' 

Nuance overstroming en rellen
Anders dan eerder gesteld, moet dreigend overlopen van het Noordzeekanaal aan Zaanse zijde genuanceerd worden, zo stelde het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier HHNK in de consultatieronde over de conceptversie van het Regionaal Risicoprofiel: ‘Bij Rijkswaterstaat was in augustus 2010 sprake van een hoogwaterregime waarbij de waarschuwingsfase van kracht was. Het overlopen van het Noordzeekanaal was niet aan de orde. Het waterpeil heeft niet een zodanige hoogte bereikt dat alarmfasen bij Rijkswaterstaat of HHNK moesten worden ingesteld’. Een andere nuance betreft een reactie uit de consultatierondes over buurtrellen. Buurtonrust is één van de zeven crisistypen in het crisisprofiel, niet zozeer omdat op dit moment rellen worden voorzien, maar omdat buurtonrust in een landelijke trend past en de politie voorbereid wil zijn.

Typerend voor deze regio is dat het land laag gelegen is en tussen de steden kleine kernen met veel weilanden liggen. Kenmerkend is ook dat vooral rond de Zaan zeer dicht op zware industrie wordt gewoond en dat hier jaarlijks veel toeristen komen; alleen al naar de Zaanse Schans komen jaarlijks 900.000 bezoekers, maar ook Marken, Volendam en de Beemster zijn druk bezocht.